Intellectuele waarde: voor jezelf houden of delen?

  1. Home
  2. Blog & nieuws
  3. Intellectuele waarde: voor jezelf houden of delen?

Dit is het vierde artikel over de zes waarde soorten van het IIRC model. Waarde-soorten die wij zo graag met elkaar in evenwicht willen brengen. Daarvoor is de intellectuele waarde soort van groot belang. Het gaat hier over alle kennis en inzichten die we samen inzetten om processen goed te laten verlopen en producten te realiseren die het menselijk welzijn, de sociaal relationele verbanden, de natuur als ook een rechtvaardige verdeling van geldmiddelen versterken. Bij intellectuele waarde ontwikkeling spelen externe en interne factoren stevig op elkaar in. Dat is inherent aan de ontwikkeling van het waarde-creërend vermogen van organisaties. Samen bespelen organisaties de omgeving waar ze elkaar ontmoeten en zich op elkaar afstemmen. 

Waar gaat de intellectuele waarde over? 

Vanuit het extern perspectief gezien gaat intellectuele waarde ten diepste over de gepercipieerde kwaliteit van producten en diensten. Percepties die per belanghebbende nogal uit en kunnen lopen. Hoe de  gepercipieerde kwaliteit van de producten en diensten van SHELL zich verhoudt ten opzichte van de gepercipieerde kwaliteit van de producten en diensten van Greenpeace, hangt af van aan wie je de vraag in de omgeving stelt. Inzichten en belangen verschillen en roepen ook tegenstellingen op in het denken. Om deze tegenstellingen te overbruggen is dialoog noodzakelijk. Ook wet- en regelgeving is een belangrijk extern instrument voor het geven van sturing aan de ontwikkeling van intellectuele waarde.  

Wetten en regels stellen normen aan de wijze van produceren en de kwaliteit van producten. Met regelend recht proberen we partijen in de maatschappij te verbinden en recht te doen aan de belangen die spelen. Wetten zijn het uitvloeisel van de democratie waarin we samen onze stem kunnen laten horen. Nu komen ze nog voort uit een soort tweedeling die we ‘links’ en ‘rechts’ zijn gaan noemen. Wij volgen liever de lijn van Bruno Latour, zoals omschreven in zijn filosofisch werk ‘Waar kunnen we landen’: gaan we door met onze intensieve productie- en consumptiesysteem voor een verdere uitholling van moeder aarde of kiezen we er samen voor om al onze intellectuele energie te richten op het dieper leren kennen van de natuur waarmee we onze leefomgeving – moeder aarde – kunnen opbouwen?

Vanuit intern organisatorisch perspectief is het belangrijk de omgevingsinvloeden, zoals de genoemde wetten en ook percepties van klanten, leveranciers, toezichthouders, demografische ontwikkelingen et cetera, met alle aandacht mee te nemen bij de ontwikkeling van de strategie en de inrichting van de bedrijfsprocessen. Daarvoor  is afstemming op belangen van tal van belanghebbenden een essentiële vaardigheid en vaak ook een principiële keus in de betekenis van: ‘tot wie en wat wil ik me verhouden bij de realisatie van de output van mijn  bedrijf?’ Ben je bereid en in staat de effecten die de gerealiseerde output heeft in de gehele voortbrengingsketen integraal mee te nemen in de te realiseren strategie?

Het doorbreken van het smalle kijken naar enkelvoudig bedrijfsbelang is nodig, teneinde het brede perspectief van de gehele voortbrengingsketen als ook de effecten van deze keten op maatschappelijke ontwikkelingen zichtbaar te krijgen. Dit geheel omvattend denkkader bepaalt vervolgens naar tevredenheid van velen de strategie van de organisatie. Dat wil je toch als ondernemer? Belanghebbenden echt tevreden stemmen.

In de OK! methode kijken we voor de ontwikkeling van dergelijke strategieën naar een brede diversiteit aan aspecten en actoren, zoals  ‘missie’, ‘kernwaarden’, ‘innovatiekracht’, ‘klantentrouw’, ‘leveranciersbetrokkenheid’, ‘ketenaansprakelijkheid’, ‘samenwerkingsvermogen’, ‘duurzame procesinrichting’, ‘flexibele organisatiestructuur’, ‘grondstofverbruik’, ‘deugdelijk materiaalgebruik’, ‘verworven octrooien’’,  et cetera. Steeds stellen we de vraag: ‘houdt de huidige manier van organisatorisch handelen rondom dergelijke begrippen naar de toekomst toe stand?’ Bij een helder nee, weet je: ‘dat wat is opgebouwd verdient een hernieuwd doordenken!

Een dergelijk ‘nee’ raakt alle aspecten van de bedrijfsvoering en vraagt richting de toekomst om de ontwikkeling van een scherp bewustzijn van waaruit gewerkt kan worden aan de ontwikkeling van een evenwichtige meervoudige waarde-balans. Een balans die op lange termijn recht doet aan het positief maximaliseren van belangen van betrokken partijen. Zoals we reeds bij de materiële waarde soort schreven: ‘Het gaat over het bereiken van 6W-akkoorden! Winst voor het menselijk welzijn; Winst voor het sociaal relationeel samenleven; Winst voor de natuur; Winst voor een breed gedragen intellectuele wijsheid; Winst voor duurzame infrastructuren; Winst voor een rechtvaardige verdeling van geldmiddelen!’

Welk gedrag is er nu rondom intellectuele waarde? 

We hebben intellectueel enorm veel inzicht en wijsheid vastgelegd in patenten en octrooien. Vanwege de investering in onderzoekswerk houden we die goed beveiligd vast voor eigen gebruik. Hier schuilt een kracht in die waardevol is. De investeringen die een organisatie doet, brengt innovatie met zich mee. Zie alleen maar hoe krachtig de farmaceutische bedrijven hebben geïnvesteerd in vaccins tegen COVID19. Al hun intellect hebben ze ingezet om tot een vaccin te komen met weinig bijwerkingen en een hoge effectiviteit. En nog steeds zijn partijen bezig om – bijvoorbeeld met een goede neusspray – de mens te beschermen tegen deze virus en virusvarianten.

De concurrentie versterkt het innovatieve proces. Tegelijkertijd is ook zichtbaar dat de landen met het meeste geld tot nu toe het meest profiteren. Is dit laatste houdbaar naar de toekomst? Zijn we meervoudig blij als overheden mee-investeren en het grootste deel van de winst naar de bedrijven vloeit die met ‘geheim gehouden formules’ en ‘intelligent ingerichte productieprocessen’ de vaccins maken? Systeemtechnisch mede gedragen door beschermende wetgeving aangaande octrooien en patenten. Of kiezen we toch ook voor de lijn van president Biden, die in het kader van ‘virus varianten die zich kunnen ontwikkelen’ aan de World Trade Organization (WTO) geeft: ‘laten we de kennis delen, zodat we wereldwijd baat hebben bij de kennis en inzichten die zijn opgebouwd!’ Iedereen zal het kunnen rechtvaardigen dat het bedrijf dat deze kennis deelt met de gemeenschap een reële toekomstbestendige vergoeding ontvangt.

Onderzoekswerk goed belonen, is naar de toekomst cruciaal. Als het vrije spel van vraag en aanbod wordt doorbroken, zijn andere uitdagende en stimulerende verdienmodellen nodig. 

Intellectueel is het ook gigantisch slim bedacht om mensen te verbinden via platforms. Of dat nu WeChat in China is of Facebook op het westelijk halfrond. Miljarden mensen ervaren via deze systemen verbondenheid met elkaar. Tegelijkertijd bouwen deze systemen met hun algoritmes rondom feitelijke vastlegging van menselijk gedrag enorm veel inzicht op over dit menselijk gedrag. Goed voor de centrale partij die begrijpt dat inzicht in menselijk gedrag van belang is om dit gedrag te kunnen (bij)sturen of voor organisaties die willen inspelen op dit gedrag en hun marketing- en reclamegelden graag besteden het beïnvloeden van de gepercipieerde kwaliteit van hun producten en diensten. 

Intellectuele waarde ligt ook verankerd in wetten en ambtelijke procedures om deze wetten te handhaven, zelfs als deze te rigide blijken en het openlijke gesprek over de oorzaken van gedrag doen verstommen. De trots op onze belastingdienst keert zich om naar schaamrood op de kaken, omdat de systeemtechnische intellectualiteit onverbiddelijk is en ten koste gaat van menselijk welzijn en sociaal relationeel normaal gedrag. We vergeleken dat laatst met de film The Matrix One. Hoe kunnen we uit de greep van systemen blijven die vanuit hun oorsprong slim zijn opgebouwd, maar tegelijkertijd mensen ook in een wurggreep kunnen leggen? Hoe zorgen we ervoor dat we ‘unplugged’ blijven: vrij, gelijkwaardig en tegelijkertijd slim?      

Hoe leren we als mens en als netwerk van mensen, wat een organisatie is, meer horizontaal in het leven te staan? Zie: https://www.linkedin.com/feed/update/urn:li:activity:6795764599829364736/ Hoe leren we om ons consequent af te vragen: ‘als ik dit deel neem voor mezelf, onder wie trek ik dan een pijler vandaan en doe ik daarmee dan recht aan het geheel?’ Dit denken komt ook sterk terug in het filosofisch denken van Levina’s. Beschouw de wereld altijd ook vanuit de ogen van de Ander, bewust geschreven met een hoofdletter. Zorg ervoor dat je intelligentie nooit alleen vanuit het eigen perspectief opbouwt. Daar waar de Ander en het Andere niet meer meedoen in het eigen denken, is de kans groot dat: 

  • de ordening verstoord wordt; 
  • de balans tussen geven en nemen zoek raakt; 
  • inclusief denken in de vergeethoekje komt te staan. 

Dat zijn in het systemisch denken van Hellinger, verwar het niet met het organisatorisch systeemdenken, de drie basiswetten die rust brengen in familie- en organisatiesystemen. Toch nemen we deze systemische wetten vaak niet meet in het organisatorisch handelen. Er is een vorm van competitiedrift ingeslopen, die continu invloed uitoefent op deze drie wetten. 

Welke systeemelementen houden dit gedrag overeind? 

Een belangrijk systeem element, tegelijkertijd het kind dat je niet met het badwater weg wilt gooien, is de vrijheid en het risico van het ondernemerschap. Competitie zet aan tot slim en innoverend denken. Tegelijkertijd zet het een mechanisme in werking die je zou kunnen omschrijven als ‘door mij bedacht, door mij beschermd, voor mij dus ook de intellectuele rechten en mijn recht om massa*prijs*marge te maximaliseren!’ Het ‘ikke mechanisme’ houdt veel oud denken in stand.

In een creatieve sessie die we volgden, bleven twee ideeën over die – Roel – had ingebracht. De sessiebegeleider vroeg aan de groep: ‘van wie zijn deze twee ideeën?’ Ik stak mijn vinger op en riep trots: ‘van mij!’ Hij keek me aan en zei: ‘Nee, Roel, als jij alle andere ideeën die ook zijn ingebracht niet had gehoord, zou je dan ooit op deze twee wonderschonen ideeën zijn gekomen? Jullie hebben ze samen bedacht! Of, als jij de eerste was die ze riep, zouden de anderen er dan ooit voor hebben gekozen als ze niet eerst ook hun eigen ideeën hadden ingebracht?’ Die les vergeet ik mijn leven lang niet meer.

We beïnvloeden elkaar continu en hebben de tijd ook nodig om elkaar echt te begrijpen. Daardoor ontstaan ideeën met werkingskracht. Echte vrijheid ligt in de uitwisseling het innerlijke denken. Maar: voor je eraan denkt, treedt een klein deel met het gouden idee naar buiten, teneinde er het maximale voor zichzelf uit te halen. Het is een competitief systeem dat leidt tot winnaars en verliezers. Tot: ik doe het beter dan dat jij het doet. Een verticale manier van denken. Mijn omzet- en winstgrafiek en ook alle onderliggende kritieke prestatie indicator grafieken scoren hoger dan die van jou. So, I’m the greatest! Wees blij dat je bij mij in het bootje zit. Wees blij dat je wiegje staat waar ik mijn imperium heb opgebouwd.

Het is lastig om succes in het denken en doen te blijven koppelen aan ‘het geheel van elkaar beïnvloedende actoren en factoren’. Mijn succes kan betekenen dat een ander failliet gaat en/of de aarde uitput. De innerlijke vrijheid van mensen om ideeën te bedenken en vervolgens het beste uit de zaak te halen, kan tijdens het creatieproces leiden tot verliezen als bijeffect elders. Niet eens in je eigen achtertuin.. Vanwege de juridische bescherming van het intellectuele gedachtegoed en het juridisch bedachte en vastgelegde erfrechtmodel – voor jezelf houden in plaats van delen – en de daaraan gekoppelde revenuen van eveneens juridisch beschermde geldverdelingsstromen, is denken in ‘mijn enkelvoudig belang’ ook nog eens een kwestie waar we succes aan afmeten.

Dat heb je goed gedaan! Vanuit ‘de innerlijke creatieve vrijheid’ iets bedacht waar anderen positief op reageerden, waardoor het succes – winstmaximalisatie – kon ontstaan. Deze vorm van competitie leidt ertoe dat grote, individuele belangen die met dit succes worden opgebouwd, beschermd ‘moeten’ worden, waardoor het voor velen lastig wordt om te blijven doen waaruit het uiteindelijke succes geboren werd, namelijk:

  • het geheel beschouwen;
  • dit geheel en de daarin participerende ander echt begrijpen;
  • koersen op langdurig toekomstgericht succes.

Kan dit patroon van vrijheid van vorming van ideeën en het naar jezelf toetrekken van de daaraan gekoppelde successen blijven doorgaan, ook als de neveneffecten de ander en de aarde aantoonbaar beschadigen? Zijn er andere spelregels en kaders voor het vrije denken nodig, zodat aan potentieel succes gekoppelde effectschade het liefst voorkomen wordt dan wel achteraf op z’n minst gecorrigeerd wordt? Of liever andersom geredeneerd: ‘zijn er motiverende – in beweging zettende –systemen denkbaar die gericht zijn op het realiseren van in alle opzichten positieve bijeffecten’?

Bestaat ander gedrag? 

De kern van dit andere vrije denken is gebaseerd op het echt leren denken, leven en onderhandelen vanuit meervoudig belangen perspectief. Leren denken voorbij de grens van de uitspraak: ‘dit is van mij en vooral niet dankzij jou!’ Horizontaal hebben we elkaar en het andere heel hard nodig. Zonder medemens, geen verkoop van Office365 omgevingen. Zonder zuurstof en gezonde aarde, geen leven. Zonder goede bemesting, geen duurzaam vruchtbare aarde.

In kleinere verbanden is dit principe al lang weer ontdekt. We noemden eerder al de Bommelerwaard of qua concept reeds groter, het initiatief Texelenergie|om. Coöperatieve verbanden waar mensen zich verenigen om hun eigen leefgebied van schone energie te voorzien. Door de schaalgrootte kan dit ook tegen goed betaalbare tarieven. Het zijn in ieder geval verbanden waar ‘we doen het voor ons samen’ centraal staat en dus meervoudige belangen worden meegenomen. De omgevingswet zal dergelijke coöperatieve verbanden weleens een flinke stimulans kunnen gaan geven.

Burgerberaad is ook een prachtig opkomende trend, waarin iedere belanghebbende in het proces belangen kan inbrengen en toelichten en gezamenlijk op basis van criteria wordt gezocht naar uitkomsten die tevredenstellend zijn voor allen.  Onderhandelingsmethode als Harvard Business negotiation zijn hier ook op geënt. Het gaat niet over positie innames, maar over het beluisteren en dienen van wederzijdse belangen, waardoor win/win akkoorden kunnen ontstaan.

We voegen eraan toe dat ook bij de opbouw van dergelijke verbanden alle potentiële bijeffecten meegenomen moeten worden. Hoe is de stand van zaken met betrekking tot grondstofverbruik voor de gezamenlijk geplaatste zonnepanelen? Waar komen die grondstoffen vandaan? Hoe eindig zijn ze? Wat voor effect hebben ze op de grond of het water waarop ze geplaatst zijn? Wat betekent dat voor het afromen van ‘betaalbare tarieven’ en het doen van onderzoek naar nagenoeg 100% duurzaam vanuit meervoudig waarde-perspectief? Dient het de sociaal relationele opbouw in de gehele keten? Is de materiële infrastructuur nagenoeg 100% demonteerbaar en herbruikbaar?

Ofwel: in burgerberaden is kennis over de stand van het geheel en de mate waarin de verdeling tevredenstellend is voor alle belanghebbenden in de samenleving van belang. De rijke informatie in de recent uitgekomen monitor brede welvaart zijn aan alle deelnemers in het beraad behulpzaam om de situatie in het geheel te kunnen beschouwen. Daarmeekan beter afgewogen worden of het nastreven van eigen belang op een aspect rechtvaardig is, gelet op de mate waarin het effect heeft op andere aspecten. Dat wat feitelijk waarneembaar is, moet weer een krachtige basis worden onder de gezamenlijke dialoog, wat een beraad in feite is. Naast de landelijke monitor brede welvaart, zijn daarom ook regionale, gemeentelijke, wijk monitoren nodig, die de stand van zaken feitelijk duiden en procesmatig te komen tot besluiten die tegemoet komen aan de belangen van de regio, de gemeente, de wijk.

Een ander praktijkvoorbeeld is Brainport Eindhoven. Een super intelligent gebied, aangewakkerd door een hightech bedrijf als ASML en de TU Eindhoven, omringd door een scala aan midden-grote bedrijven en start up bedrijven. Wereldwijd worden vanuit dit gebied zeer hoogwaardige machines geëxporteerd die chips kunnen maken om systemen intelligenter in te richten. Over intellectuele waarde gesproken. Het is een kwalitatieve hoogwaardigheid die niet kan worden gerealiseerd, indien betrokken partijen er het gemak van nemen. Het vereist focus op dat waar je heel goed in bent en van de kleinere omringende partijen ook de wil om echt bij te dragen aan het belang van een wereldspeler van formaat. Een vorm van competitie die gefocust is op kwaliteit en innovatief ondernemerschap hoog in het vaandel heeft staan. Het leidt tot machines die in staat zijn chips te produceren, waardoor de intelligentie van de ‘Internet of Things, de materiële systemen’ kan toenemen.

Tegelijkertijd mag ook hier het onderzoek naar het bewust willen realiseren van positieve bijeffecten nooit ophouden. De werking van kwetsbare grondstoffen moeten we diepgaand leren begrijpen, zodat echt duurzame varianten kunnen ontstaan. Naast aandeelhouderswaarde – er is niets mis met mensen die willen investeren in ondernemerschap – moet een substantieel bedrag van de winst gereserveerd worden voor het realiseren van ‘onmogelijke doelen’, zoals Ray Anderson van Interface dat verwoordde. Een visie die de creativiteit van mensen aanwakkert, waardoor nu CO2 opnemend tapijt ontwikkeld is dat bijdraagt aan de reductie van CO2.En ook voor doelen, die het mogelijk maken aangenaam te wonen, cultuur te beleven en natuur op te bouwen. Slimme systemen zijn gericht op het voeden van het algehele belang, waarmee de toekomstbestendigheid gediend is.

Hoe stimuleren we positief gedrag? 

Belangrijk is dat we als mens en als netwerken van mensen, wat een organisatie is, meer horizontaal in het leven gaan staan. Zie deze post op LinkedIn. Hoe leren we om ons consequent af te vragen: ‘als ik dit deel neem voor mezelf, onder wie trek ik dan een pijler vandaan nu en vooral ook naar de toekomst? En, als ik dat eerlijk geredeneerd ook daadwerkelijk doe, doe ik daarmee dan nog recht aan het geheel?’ Dit denken komt ook sterk terug in het ethisch filosofisch denken van Levinas. Beschouw de wereld altijd vanuit de ogen van de Ander, door hem bewust geschreven met hoofdletter. Zorg ervoor dat je intelligentie nooit alleen vanuit het eigen perspectief opbouwt. Daar waar de Ander en het Andere niet meer meedoen in het eigen denken, is de kans groot dat:

•             je de natuurlijke ordening verstoort;

•             de balans tussen wat je neemt en wat je teruggeeft zoek raakt;

•             inclusief denken in het vergeethoekje komt te staan.

Dat zijn in het systemisch denken van Hellinger, verwar het niet met het organisatorisch systeemdenken, de drie basiswetten die rust brengen in sociale familie- en organisatiesystemen. Toch nemen we deze systemische wetten vaak niet mee in het organisatorisch handelen, terwijl daar waar die wetten wel weer bewust worden ervaren, inzicht ontstaat in nieuwe ordeningen die dat wat ooit was een plaats geeft, zodat dat wat kan komen vanuit rust kan ontstaan.

In onze trainingen doen we af en toe de oefening met de struisvogeleieren. Twee handelaren komen bij een struisvogeleierenboer die een uniek product heeft ontwikkeld. Door dit monopolie is er schijnbaar een tekort aan eieren, maar als de handelaren doorvragen naar elkaars belang – wat brengt jou naar Australië, wat voor mooi product verkoop jij? – blijkt dat de één de binnenkant van het ei nodig heeft en de ander de buitenkant. Er is dus geen tekort aan eieren. Nagenoeg direct na dit inzicht, hoor je de opmerking: ‘aha, dan kan de prijs die de boer ons wil opleggen weer omlaag en je hoort ze denken: ‘we zullen die zogenaamde kwaliteitseieren-monopolist wel eens klein krijgen’’.

Hier leggen we precies de nadruk, want vraag eens door: ‘wat is de werkelijke reden van de prijsverhoging?’ Hoe komt het toch dat we, direct nadat we er achter zijn gekomen dat we er weer schijnbaar beter voor staan dan de ander, vervallen in: ‘oké, dan nemen we nu ook volop onze winst!’ Er zijn ook groepen die de oefening vanaf de start anders aanpakken en bijvoorbeeld beginnen met de vraag: ‘goh, vorig jaar kostten de eieren nog € 6,00 per stuk en nu € 12,00, wat is er gebeurd?’ De struisvogeleierenboer vertelt dan een verhaal over de grote droogte en de hoge inkoopkosten van voer uit Zuid-Amerika. Het gevolg bij deze groepen is meestal een meerjarig win/win akkoord. Uit de dialoog ontstaat een 6W-akkoord.

Dient dit alles dan de meervoudige waarde-balans?

Het beschermen van de eigen positie – ik versus jou – zet sociale relaties op scherp. De één verheft zich, mede door ver(w)erving van rechten, boven de ander, waardoor ongelijkheden ontstaan. Dat mechanisme versterkt het creatieve denken en tegelijkertijd creëert het – mogelijkerwijs – ook een disbalans. Is er een nieuw economisch systeem te ontwikkelen, waarin de creativiteit en vrijheid van het intellectuele denkproces behouden blijft, terwijl tegelijkertijd de aandacht gefocust blijft op het morele UBUNTU principe: ‘ik ben, omdat wij zijn’; ‘ik ben, omdat al het andere is!’?

De diepte van dit Afrikaanse besef overstijgt het centraal stellen van het persoonlijk of enkelvoudig organisatorisch gewin. Het is precies de reden waarom wij met behulp van de OK! methode eerst breed naar de omgeving, netwerken van mensen en de interne organisatie kijken en daar goed op doorvragen. Er zijn altijd strategieën denkbaar die het meervoudige belang dienen. Als we onze intellectuele vaardigheden daar nu eens op gaan richten.

Ook de leefwijze op het Japanse eiland Okinawa, een blue zone ofwel een gebied waar mensen bovengemiddeld langer leven, kan handvatten bieden voor een ander leefsysteem dan het competitieve vergelijkingssysteem, gebaseerd op ‘the winner takes it all’ en ‘whats’ in it for me’. Het leefsysteem Ikigai is gebaseerd op de volgende pijlers:

  1. Je kent de redenen waarom je iedere ochtend opnieuw frank en vrij je bed uitstapt;
  2. Je kent de basiswaarden waarop jij je eigen leven fundeert;
  3. Je weet waar je echt goed in bent;
  4. Je weet wat je passie is;
  5. Je beseft te diepste dat je dit alles hebt ontvangen van de wereld waarin je leeft;
  6. Je geeft iedere dag terug aan de wereld wat zij aan jou gegeven heeft.

De leefregels doen onnoemlijk veel recht aan te zijn wie je in al je toonaarden kunt zijn, aan je menselijke waarde; en tegelijkertijd oneindig veel recht aan het feit dat je deze menselijke waarde hebt ontvangen van de wereld waarin je dagelijks leeft. Vanuit die levenshouding is het meer dan de moeite waard om dagelijks te werken voor een goede balans in mensen, in sociale relaties, in de natuur; in de verdeling van middelen en in materiële systemen die teruggeven wat genomen is. Dat is de focus van de intellectuele waarde!

En alles wat geldt voor de individuele mens, geldt ook voor het organisme dat we organisatie hebben genoemd. Een plek waar mensen samenkomen om op basis van kernwaarden te doen waar ze samen goed in zijn, vanuit het besef dat de organisatie  ontvangt van de wereld om haar heen en daarom teruggeeft wat de wereld haar gegeven heeft. Dat is balans denken.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fill out this field
Fill out this field
Geef een geldig e-mailadres op.

Menu